Aanbieding

Inleiding

Inleiding

Voor u liggen de Jaarstukken 2021 van de gemeente Stichtse Vecht. Met de Jaarstukken leggen we verantwoording af over het gevoerde beleid. We laten zien wat we in 2021 hebben bereikt, wat we daarvoor hebben gedaan en wat dat heeft gekost. Op grond van de Gemeentewet (artikelen 198 en 200) dient uw raad de Jaarstukken vast te stellen vóór 15 juli 2022. De Jaarstukken zijn het laatste product in de jaarlijkse planning-en-controlcyclus.

Corona

Afgelopen jaar is heel anders verlopen dan we van tevoren hadden voorzien. De pandemie en bijbehorende rijksmaatregelen hebben grote invloed gehad op ons allen. Dit is terug te zien in deze programmarekening. We hebben aanzienlijke kosten moeten maken om onze dienstverlening aan onze inwoners en organisaties voort te zetten in deze moeilijke tijden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de TONK uitgaven dat bedoeld is voor huishoudens die door Corona met een daling in inkomsten te maken hebben en die daardoor niet meer kunnen voldoen aan hun noodzakelijke (woon) kosten. Daarnaast zijn ook veel kosten niet gemaakt, doordat activiteiten door de coronamaatregelen niet door konden gaan. Denk hierbij bijvoorbeeld aan culturele activiteiten en evenementen. 
Om de financiële gevolgen van de coronapandemie op te kunnen vangen is een risicoreserve Corona gevormd. Alle meer- of minderkosten als gevolg van corona zijn met deze reserve verrekend. Het overzicht hiervan is opgenomen in een afzonderlijke paragraaf Corona. Daarnaast hebben wij bij de financiële verantwoording inzichtelijk gemaakt welke afwijkingen een gevolg zijn van corona en welke afwijkingen zich regulier ook voorgedaan zouden hebben.

Bestuursrapportage 2021

In de Bestuursrapportage 2021 werd bij het financiële beeld een negatief resultaat van € 4.461.680 geprognotiseerd. Hiervan had € 3.359.093 reguliere oorzaken en was € 1.102.587 het gevolg van corona. Het werkelijke resultaat over 2021 bedraagt € 1.901.893 positief. Zie het onderstaande tabel rekeningresultaat 2021 in een oogopslag.

Rekeningresultaat 2021 in een oogopslag

Het overzicht van het rekeningresultaat 2021 in één oogopslag vindt u in het onderstaande tabel. Onder de tabel treft u een analyse op hoofdlijnen. Een meer uitgebreide analyse ten opzichte van de begroting is opgenomen in bij de  programma’s.

Programma Begroting Werkelijk Resultaat
2021 2021 2021
1. Bestuur -74.946.317 -77.461.936 2.515.619
2. Veiligheid 6.308.664 5.965.628 343.036
3. Fysiek 18.896.744 18.374.900 521.844
4. Sociaal 39.093.511 42.491.130 -3.397.619
5. Samenleving 10.647.398 8.728.385 1.919.013
- -1.901.893 1.901.893
Gerealiseerd resultaat (positief) 1.901.893

Analyse op hoofdlijnen

Hieronder is een analyse op hoofdlijnen (in miljoenen) opgenomen van het voordelige jaarrekeningsaldo van € 1.901.893. Een meer gedetailleerde analyse is opgenomen bij de programma’s, waar een analyse op taakveld is opgenomen.

Programma 1 Bestuur voordelig € 2,5 mln. voordelig
Het voordeel wordt vooral bepaald door het incidenteel effect ten aanzien van de algemene uitkering (€ 2,8 mln.), te specificeren naar vrijval van de stelpost achteruitgang algemene uitkering (€ 1,3 mln.) en de inkomsten van de decembercirculaire 2021 (€ 1,5 mln.). De stelpost dient om het verwachte nadelig begrotingssaldo op reguliere activiteiten als gemeld in de bestuursrapportage 2021 zoveel mogelijk op te vangen. Voor een toelichting op de decembercirculaire, zie RIB nummer 9 van 24 februari 2022.

Verder is er een voordeel van € 0,4 mln. door meer OZB inkomsten (€ 0,3 mln.) dan begroot en vrijval van de voorziening dubieuze debiteuren (€ 0,1 mln.)

Het nadelig effect op het programma is verantwoord op het taakveld overhead (€ 1,3 mln.), Het afgelopen jaar zijn door personeelsverloop extra vacatures ontstaan. We hebben meer gebruik moeten maken van externe (duurdere) inhuur.  Een deel van deze kosten wordt onttrokken aan de coronareserve (€ 0,6 mln.). Per saldo resteert per saldo een nadeel van € 0,7 mln. Een uitgebreidere toelichting ten aanzien van de overhead is terug te lezen in de paragraaf bedrijfsvoering.

Programma 2 Veiligheid € 0,3 mln. voordelig
Het voordelig saldo heeft vooral betrekking op het taakveld openbare orde en veiligheid. Er is voordeel van € 0,2 mln. op de personeelslasten. Mede door de landelijke vraag i.v.m. handhaving coronamaatregelen, hebben we de openstaande formatieruimte niet geheel in kunnen vullen.

Het resterende voordelige effect van € 0,1 mln. zijn diverse kleinere voor- en nadelen. De helft hiervan komt door de latere aanbesteding van de opvang van zwerf- en wilde dieren.

Programma 3 Fysiek € 0,5 mln. voordelig
Binnen het programma Fysiek zijn voordelen op de overige lasten door vertraging in de uitvoering ten aanzien van verkeer, vervoer en openbaar groen (€ 2,1 mln.). Hierdoor wordt ook voor (€ 1,4 mln.) minder uit reserves onttrokken, voor civiele constructies (Evert Stokbrug) en Oostelijke vechtplassen. Voor verkeer, openbare verlichting, gebiedsgericht werken, groen, water, oevers, kades, natuur, speelterreinen en milieubeheer is er vooral sprake van vertraging door aanbestedingsprocedures, onderbezetting en corona. Het effect voor het rekeningsaldo bedraagt € 0,7 mln. Ook bij milieubeheer ontstaat door een vergelijkbare oorzaak een voordeel van € 0,2 mln. Per saldo een voordeel van € 0,9 mln.

Het nadeel binnen het programma betreft vooral het taakveld afvalstoffenheffing (€ 0,5 mln.) door vooral hogere en meer verwerkingskosten, waarvan € 0,2 mln. is toe te schrijven aan corona (hoger aanbod van afval). Per saldo een nadeel van € 0,3 mln.

Ook binnen het taakveld volkshuisvesting zijn diverse voordelige effecten, die een financieel neutraal effect hebben door de verrekening met de reserve en de balans. De voornaamste op dit taakveld is grondexploitatie. De vrije ruimte binnen de algemene reserve grondexploitatie bedraagt ultimo 2021 € 0,75 mln. De actuele ontwikkelingen van de diverse locaties zijn beschreven in de paragraaf grondbeleid. 

In de toelichting bij het programma zijn ook meerdere administratief technische voor- en nadelen beschreven, zoals omzetting van de reserve onderhoud wegen (€ 8,6 mln.) naar een voorziening. Deze omzetting heeft per saldo een neutraal effect binnen het programma.

Het overige effect van € 0,1 mln. nadelig betreft diverse posten, waaronder ook diverse overschrijding op toegerekende personeelskosten en onderschrijdingen op kapitaallasten.

Programma 4 Sociaal € 3,4 mln. nadelig
Het nadelig saldo van het programma sociaal wordt veroorzaak door overschrijdingen op de jeugdzorg en de WMO (€ 3,8 mln.). Deze overschrijdingen hebben overwegend een structureel karakter. Zo is meer uitgegeven WMO voorzieningen collectief vervoer, hulpmiddelen en woningaanpassingen (€ 0,3 mln.) en huishoudelijke hulp (€ 0,6 mln.). Oorzaak van de hogere uitgaven is een toenemende vraag, die is toe schrijven aan meer inzet door vergrijzing, corona, het abonnementstarief (lage drempel) en een grotere ondersteuningsvraag. Ook zijn de tarieven voor dienstverlening gestegen. Dit effect was nog niet voorzien in de begroting 2021. Ook de hogere uitgaven voor WMO begeleiding (€ 0,4 mln.) en Jeugdzorg (€ 2,5 mln.) hebben een structureel karakter. Hiermee is bij de kadernota 2022 wel rekening gehouden.

Het nadeel van incidentele aard betreft eenmalige contractuele implementatiekosten voor de inrichting & opbouw van TIM Stichtse Vecht ( € 0,5 mln.).

De bijstandslasten (Participatiewet, IOAW/IOAZ) laten een voordeel zien van € 0,8 mln. ten opzichte van de begroting. We zijn er in geslaagd om het totaal aantal uitkeringen te verminderen. In 2021 is het klantenbestand in beeld gebracht en het instrumentarium aan participatietrajecten uitgebreid. Ook is er geïnvesteerd in onze werkgeversdienstverlening. Dit heeft er toe geleid dat we een fors voordeel op de bijstandslasten hebben gerealiseerd. Tegenover dit voordeel staan hogere uitgaven voor bijzondere bijstand en minimabeleid (€ 0,3 mln.).

Het resterende voordelige effect van € 0,3 mln. zijn diverse kleinere voordelen.

Programma 5 Samenleving € 1,9 mln. voordelig
De uitgaven met betrekking tot sportaccommodaties zijn € 0,3 mln. lager. Zo is op investeringsbijdragen in sportterreinen € 0,2 mln. minder uitgegeven, omdat velden het afgelopen jaar nog niet aan renovatie of vervanging toe waren. Voor het overige hebben we minder werk kunnen wegzetten voor het onderhoud van de buitensportvelden, omdat het maximumbudget van het raamcontract is bereikt. Hierdoor ontstaat een onderhoudsachterstand, die moet worden ingelopen. Wij hebben het afgelopen jaar ongeveer € 0,3 mln. minder uitgegeven dan geraamd, omdat, als gevolg van corona, diverse accommodaties langere tijd gesloten zijn geweest en daardoor de gebruikskosten lager zijn uitgevallen.

Op het taakveld economie is per saldo € 0,1 mln. over gehouden. Door her prioritering van de werkzaamheden en de coronacrisis, zijn werkzaamheden als uitvoering geven aan de toekomstvisie bedrijventerreinen en de aanpak Vitale Kernen naar 2022 verschoven. Aan de andere kant heeft de tijdelijke invulling van vacatures met externe inhuur meer gekost dan begroot. 

Op het taakveld onderwijs is € 0,8 mln. over gehouden. Aan leerlingenvervoer is door corona en chauffeurstekort minder uitgegeven (€ 0,2 mln.). Voor de kosten die wij de afgelopen jaren hebben gemaakt voor het opzetten van een internationale schakelklas voor de regio is een incidentele bijdrage van bijna € 0,2 mln. ontvangen, die niet was begroot. 

Op het gebied van huisvesting onderwijs is € 0,2 mln. niet uitgegeven, omdat het achterstallig onderhoud op de Buitenweg 312, dat nodig is voor de eigendomsoverdracht naar het schoolbestuur, nog niet volledig is uitgevoerd. De overige € 0,2 mln. betreft lagere uitgaven door minder subsidieaanvragen in het kader van de Lokaal Educatieve Agenda, het veel lager uitvallen van de kosten van een WOB-verzoek over de mogelijke vestiging van het Broecklandcollege op het sportcomplex en een resterend budget om het Integraal Huisvestingsplan Maarssenbroek (IHP) af te ronden.

Voor cultuur zijn door de coronamaatregelen activiteiten uit de verdeling cultuurgelden 2021 niet door kunnen gaan of is dit op een andere manier gebeurd. Hierdoor is ongeveer € 0,3 mln. minder uitgegeven.

Het resterende voordelige effect van € 0,1 mln. zijn diverse kleinere voordelen.

Ontwikkeling Algemene reserve

Verloop Algemene reserve Bedrag
Saldo 31 december 2020 12.066.033
Stortingen:
Preventie en welzijn efficiency korting 313.970
Onttrekkingen:
Negatief resultaat Jaarstukken 2020 -228.451
Saldo 31 december 2021 12.151.552
Rekeningsaldo 2021 1.901.893
Saldo 1 januari 2022 14.053.445

Toelichting Algemene reserve
De bovengenoemde stortingen en onttrekkingen zijn verwerkt zoals uw raad heeft besloten in eerdere planning-en-controlproducten.

Resultaatbestemming

In het raadsvoorstel, behorende bij deze jaarstukken, stellen we u voor om het positieve rekeningresultaat over 2021 van € 1.901.893 te storten in de Algemene reserve.

In het raadsvoorstel bij de programmarekening 2021 is een afzonderlijk voorstel opgenomen over de resultaatbestemming. De resultaatbestemming is een voorstel dat gaat over de overheveling van budgetten en de vorming of onttrekking aan reserves.

Leeswijzer

Indeling

De Jaarstukken 2021 zijn opgebouwd volgens de wettelijke eisen die zijn vastgelegd in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Basis voor de programma’s vormen de drie W-vragen uit het BBV:
•    Wat wilden we bereiken?
•    Wat hebben we daarvoor gedaan?
•    Wat heeft het gekost?

De opbouw van de programma’s

In de programmaverantwoording zijn de drie W-vragen verwerkt.

De indeling ziet er als volgt uit:
•    Wat wilden we bereiken?
•    Wat hebben we daarvoor gedaan?
•    Wat heeft het gekost?
•    Effect- en prestatie-indicatoren
•    Overzicht van baten en lasten

Het overzicht van baten en lasten per programma is onderverdeeld in taakvelden.
Afwijkingen boven de € 50.000 per taakveld of politiek sensitieve afwijkingen lichten we toe.

Programmaverantwoording

De programmaverantwoording bevat de onderstaande programma’s:
1.    Bestuur
2.    Veiligheid
3.    Fysiek
4.    Sociaal
5.    Samenleving

Paragrafen

Binnen het onderdeel Paragrafen zijn de (verplichte) paragrafen uit het BBV opgenomen, te weten:
1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing
2. Onderhoud kapitaalgoederen
3. Financiering
4. Bedrijfsvoering
5. Verbonden partijen
6. Grondbeleid
7. Lokale heffingen
8. Taakstellingen 2019-2022
9. Corona

De jaarrekening

1.   Overzicht van baten en lasten
2.   Begrotingsrechtmatigheid
3.   Incidentele baten en lasten
4.   Structurele mutaties reserves
5.   Baten en lasten per taakveld
6.   Overzicht kapitaallasten 
7.   Overzicht investeringen
8.   EMU saldo
9.   SiSa (Single information, Single audit)
10. Wet normering topinkomens
11. Balans en toelichting op de balans
12. Verplichte indicatoren door het Rijk