Programma 1. Bestuur

Beleid programma 1

Inleiding

Terug naar navigatie - Beleid programma 1 - Inleiding

De volgende taken zijn onderdeel van het programma Bestuur:
• Burgerzaken en publieke dienstverlening;
• Bestuur;
• Bedrijfsvoering;
• Lokale belastingen en heffingen;
• Solide financieel beleid.

Het werk van gemeenten is belangrijk voor onze samenleving. Gemeenten zorgen voor zaken die we dagelijks nodig hebben: buurtveiligheid, het onderhoud van straten, de inzameling en verwerking van afval, de ontwikkeling van nieuwe woongebieden, het beheer van schoolgebouwen en hulp voor mensen die dat nodig hebben, van jong tot oud. 

Om een betrouwbare en transparante overheid te zijn, willen wij inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties betrekken bij beleid en uitvoering. Door vooraf aan te geven welke ruimte er is om mee te denken en mee te doen creëren we duidelijkheid. De door de raad vastgestelde participatieleidraad biedt hiervoor een goede basis. Ook jongeren willen we actief betrekken. 

Om alle taken goed te kunnen uitvoeren, hebben we een stevige ambtelijke organisatie nodig. En dan gaat het niet alleen om die onderdelen die direct contact hebben met de inwoners, maar óók om de ondersteuning daarvan (de zogenaamde ‘bedrijfsvoering’). We blijven daarom ook in 2026 werken aan een toekomstbestendige organisatie. Bijvoorbeeld door te blijven investeren in ICT en het aantrekken en behouden van medewerkers. Met het toekomstgericht begroten zijn al mooie stappen gezet en ook in 2026 gaan we daar mee verder.

Wat willen we bereiken tot en met 2026?

Terug naar navigatie - Beleid programma 1 - Wat willen we bereiken tot en met 2026?

Financieel overzicht programma 1

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Financieel overzicht programma 1 - Wat mag het kosten?
Bedragen x €1.000
Programma 1 Begroting na wijziging 2026 Prognose 2026 Afwijking begroting - prognose 2026
Lasten
0.1 Bestuur -5.154 -4.897 257
0.11 Resultaat van de rekening van baten 4.001 4.001 0
0.2 Burgerzaken -2.502 -2.722 -220
0.4 Overhead -28.615 -29.124 -509
0.5 Treasury -1.381 -531 850
0.6 Belastingen -1.101 -1.101 0
0.8 Overige baten en lasten (stelpostP1) -7.272 -8.386 -1.115
Totaal Lasten -42.024 -42.760 -737
Baten
0.1 Bestuur 0 0 0
0.2 Burgerzaken 1.526 1.676 150
0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 40 40 0
0.4 Overhead 931 931 0
0.5 Treasury 123 138 15
0.6 Belastingen 16.240 17.690 1.450
0.7 Algemene uitkering 126.127 128.004 1.878
0.8 Overige baten en lasten (stelpostP1) -139 -139 0
Totaal Baten 144.849 148.341 3.493
Geraamd saldo van baten en lasten 102.825 105.581 2.756
Stortingen
0.10 Mutaties reserves P1 -38 -38 0
Onttrekkingen
0.10 Mutaties reserves P1 0 0 0
Mutaties reserves -38 -38 0

Toelichting afwijking lasten

Terug naar navigatie - Financieel overzicht programma 1 - Toelichting afwijking lasten

0.1 Bestuur
Om de overdracht van de pensioenen in 2028 aan het ABP te financieren is er in 2025 een inhaalslag gemaakt, daardoor valt de het bedrag dat we in 2026 moeten 'sparen' ongeveer € 100.000 lager uit. De definitieve rekenrente en de werkelijke dekkingsgraad worden pas eind 2026 bekend, waardoor het daadwerkelijke bedrag zal afwijken. Daarnaast worden de uitbetalingen vanuit 2026 vanuit de voorziening gefinancierd, dit levert nog een voordeel op van € 187.000.

Voor de onderzoeken van de rekenkamer en voor de accountantscontrole verwachten we € 30.000 extra kosten. Deze inschatting is gebaseerd op het aantal geplande rekenkamer-onderzoeken en de gebruikelijke indexering van de accountantskosten.

0.2 Burgerzaken
Het organiseren van verkiezingen is inmiddels geen uitzondering meer, maar de norm: in 2025 waren de vervroegde Tweede Kamer verkiezingen, in 2026 de gemeenteraadsverkiezingen en in 2027 wachten de verkiezingen voor de Provinciale Staten en de waterschappen. De kosten voor het organiseren van verkiezingen nemen al jaren toe (gemiddelde € 7,79 per kiesgerechtigde, op basis van cijfers uit 2025 van de VNG ). Voor het organiseren van de gemeenteraadsverkiezingen verwachten we bij de jaarrekening een overschrijding van € 70.000.

In verband met de paspoortenpiek, geeft de gemeente meer paspoorten uit dan waar in de Begroting 2026 rekening mee is gehouden. Doordat er meer paspoorten worden uitgegeven is de afdracht aan het Rijk € 150.000 hoger. Hier staan ook hogere baten tegenover.

0.4 Overhead
Onder verwijzing naar de op 2 april verstrekte informatie aan de raad (RIB nr. G01), heeft het college besloten de nodige extra middelen (€ 519.000) in 2026 toe te kennen voor het uitvoeren van het IT-beleid. 
Daarnaast verwachten we een overschrijding van € 200.000 op de algemene licentiekosten. Elk jaar worden deze kosten geïndexeerd door de leveranciers, maar de laatste jaren is de begroting niet geïndexeerd. In 2026 is het budget wel verhoogd, maar dit is nog niet genoeg om het gehele tekort te dekken.

De afgelopen jaren is gebleken dat het beschikbare budget voor de Ondernemersraad niet volledig wordt gebruikt, ook in 2026 verwachten we € 25.000 over te houden.

Het Rijk heeft de fiscale vrijstelling voor de reiskostenvergoeding voor medewerkers in 2026 (met terugwerkende kracht) met € 0,02 verhoogd naar € 0,25, dit in verband met de hogere brandstofprijzen. In overeenstemming met het personeelshandboek volgt de gemeente deze verhoging. Dit leidt tot ongeveer € 40.000 aan extra lasten. 

Op een krappe arbeidsmarkt en met steeds complexer wordende werkzaamheden investeert de gemeente in het huidige personeel door middel van vakinhoudelijke en ontwikkelgerichte opleidingen voor medewerkers. Daarnaast wordt er ingezet op interne opleidingsprogramma’s voor het verbeteren van college- en raadvoorstellen. Dit leidt tot een overschrijding van € 150.000.

In de Begroting 2025 is er voor 2026 een reservering opgenomen voor prijscompensatie. Deze post van € 375.000 blijkt in 2026 niet nodig te zijn, waardoor deze vrij komt te vallen.

Loonsom en inhuur binnen de loonsom
De loonsombegroting heeft als doel om dekking te geven voor alle personeelskosten. Als dit bij ziekte of vacatures niet mogelijk is met personeel in loondienst wordt er personeel ingehuurd. We verwachten in het geheel van de loonsombegroting binnen het budget te blijven. Hier zitten de volgende effecten onder:
- Onderuitputting van de loonsom van € 9,9 miljoen. Dit is voornamelijk het gevolg van vacatures en daarnaast zijn opbrengsten uit o.a. UWV-gelden en maatschappelijk opvang- en Bescherm Wonen-gelden voor geleverde inzet. 
- De inzet van inhuur voor € 9,9 miljoen op taken die binnen de loonsom horen. Aangezien het uitgangspunt is dat deze taken door medewerkers in loondienst uitgevoerd worden, wordt de inhuur niet begroot, maar is er binnen de loonsombegroting door de onderuitputting wel dekking voor.

Inhuur buiten de loonsom
Naast de inhuur ten laste van de loonsom (vervanging ziekte en vacatures) huren we ook in op uitvoering van activiteiten en projecten met externe geldstromen (inhuur buiten de loonsom). De inhuur buiten de loonsom wordt niet volledig per project begroot op de kostensoort inhuur. De verantwoording vindt echter wel op de kostensoort inhuur plaats. Voor 2026 verwachten we ongeveer € 5,6 miljoen aan inhuur buiten de loonsom ten opzichte van € 1,3 miljoen aan begrote inhuur. Voor het verschil van € 4,3 miljoen is wel dekking in begroting, maar deze is begroot op een andere kostensoort. Dit heeft als achtergrond dat bij opstellen van de begroting in 2025 nog geen duidelijkheid was op welke wijze deze projecten worden uitgevoerd; met eigen personeel of met extern personeel.

0.5 Treasury
Door het gevoerde treasury-beleid en het werkelijke investeringsvolume, vallen de rentelasten op langlopende leningen lager uit. De rente op kortlopende leningen is in 2026 wel gestegen. Dat komt doordat het rentepercentage op kortlopende leningen momenteel een stuk lager is dan de rentepercentage op langlopende leningen, waardoor het aantrekken van een langlopende lening in 2026 is uitgesteld naar een later moment in het jaar. Dit levert in 2026 een voordeel op van € 850.000.

0.8 Overige baten en lasten (stelposten) 
Zoals aangegeven in eerdere de Raadinformatiebrieven zijn de extra middelen vanuit de Septembercirculaire en Decembercirculaire 2025 van € 1.219.302 (RIB nr. 35 van 2025 en RIB nr. 2 van 2026) toegevoegd aan de stelposten voor de indexatie van lonen en prijzen en doeluitkeringen. Dit is ook van toepassing op de per saldo extra middelen (€ 119.804 en € 538.946 voor de onderdelen indexeringen, taakmutaties en doeluitkeringen) uit de Meicirculaire 2026 (RIB nr. 25 van 2026). Vanuit deze stelposten worden diverse begrotingswijzigingen vanuit programma 2, 3, 4 en 5 gedekt, ter hoogte van € 644.000. In deze bestuursrapportage wordt voorgesteld het restant van deze stelpost vrij te laten vallen in het resultaat van 2026.

Toelichting afwijking baten

Terug naar navigatie - Financieel overzicht programma 1 - Toelichting afwijking baten

0.2 Burgerzaken
In verband met de paspoortenpiek, geeft de gemeente meer paspoorten uit dan waar in de Begroting 2026 rekening mee is gehouden. Doordat er meer paspoorten worden uitgegeven zijn de inkomsten € 150.000 hoger. Hier staan ook hogere lasten tegenover.

0.5 Treasury
Dividenden vallen in 2026 ongeveer € 85.000 lager uit. Dat komt doordat Vitens geen dividend uitkeert in 2026 en het dividend van de BNG lager is. Daartegenover staan hogere baten (€ 100.000) uit de rente op kortlopend geld via Schatkist Bankieren. Hier wordt gedurende het jaar financiële middelen gestald welke de gemeente op dat moment niet direct nodig heeft.

0.6 Belastingen
Op basis van de eerste ramingen over 2026 verwacht de BghU een hogere opbrengst voor de onroerendezaakbelastingen. Voor woningen komt de verwachte hogere opbrengst uit op ongeveer € 950.000 en voor niet-woningen € 500.000. De hogere opbrengst komt vooral doordat de WOZ-waarde sterker is gestegen en de areaaluitbreiding groter is dan bij het opstellen van de begroting was voorspeld.

0.7 Algemene uitkering
Vanuit de Septembercirculaire en Decembercirculaire 2025 ontvangen wij een hogere algemene uitkering van € 1.219.302 met name ter compensatie van hogere lonen en prijzen en een aantal doeluitkeringen (RIB nr. 35 van 2025 en RIB nr. 2 van 2026). In deze bestuursrapportage wordt voorgesteld om € 793.000 in te zetten voor specifieke doelen in programma's 2, 3, 4 en 5. 

In 2026 vervangt de decentralisatie-uitkering CDOKE (Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid) de specifieke uitkering CDOKE. In onze begroting is de ontvangst van een structurele specifieke uitkering CDOKE geraamd van € 1,1 miljoen. Voor 2026 is de specifieke uitkering CDOKE op programma 3 niet meer opgenomen. 

De Meicirculaire 2026 resulteert in een voordeel over 2026 van € 119.804 en € 538.946 voor de onderdelen indexeringen, taakmutaties en doeluitkeringen (RIB nr. 25 van 2026). Zoals gebruikelijk verrekenen wij, in afwachting van nadere besluitvorming, de per saldo ontvangen extra middelen (zoals loon- en prijscompensatie en de doeluitkeringen) met de daarvoor gevormde stelposten. 

In de Meicirculaire 2026 zijn ook twee nadelige effecten voor de gemeente doorgerekend:
1. De afrekening van het BTW-Compensatiefonds, dat resulteert in een nadeel van € 628.771;
2. De bijstelling van het volumeaccres en de maatstaven (incl. WOZ), dit resulteert in een nadeel van € 471.741.
De structurele doorwerking van deze mutaties verwerken wij in de Programmabegroting 2027 - 2030. 

Begrotingswijziging

Terug naar navigatie - Financieel overzicht programma 1 - Begrotingswijziging

In onderstaande tabel zijn de afwijkingen meegenomen, waarvoor een begrotingswijziging zal plaatsvinden.

Programma Taakveld Onderwerp Lasten (L) Structureel (S) 2026
(bedragen x € 1.000) Baten (B) Incidenteel (I) Bedrag
1. Bestuur 0.1 Schoonmaakkosten L S -25
1. Bestuur 0.4 Schoonmaakkosten L S 25
1. Bestuur 0.4 Software Onderwijsloket L S 10
5. Samenleving 4.0 Software Onderwijsloket L S -10
1. Bestuur 0.7 Algemene uitkering (September en Decembercirculaire 2025) B I 1.219
Diverse 0.8 Stelposten Lonen en taakmutaties B I -1.219
1. Bestuur 0.7 Algemene uitkering (Meicirculaire 2026) B I 659
1. Bestuur 0.8 Stelposten Lonen en taakmutaties L I -659
1. Bestuur 0.5 Kapitaallasten: rentedeel L I -183
1. Bestuur Diverse Kapitaallasten: rentedeel L I 183
Totaal + = lagere lasten of hogere baten - = hogere lasten of lagere baten -