Inleiding en leeswijzer

Inleiding

Voor u ligt de Bestuursrapportage 2022, hierna te noemen ‘Bestuursrapportage’. De Bestuursrapportage is onderdeel van de planning- en control cyclus en is een tussentijds verantwoordings- en bijsturingsinstrument voor de uitvoering van de Programmabegroting 2022.  Deze Bestuursrapportage is gemaakt op het moment van overdracht van het vorige naar het huidige college.  

Coalitieakkoord 2022-2026 Bouwen aan een stevig fundament voor Stichtse Vecht

Het jaar 2022 is de start van een nieuwe bestuursperiode. In maart 2022 zijn de verkiezingen geweest en voor de komende vier jaar hebben Lokaal Liberaal, VVD Stichtse Vecht, D66 Stichtse Vecht en Streekbelangen Stichtse Vecht een coalitieakkoord geschreven. Dit coalitieakkoord is geschreven in een periode die zich kenmerkt door een ambtelijke organisatie, die op orde moet worden gebracht en meerdere (financiële) onzekerheden. Om die reden is gekozen voor een coalitieakkoord op hoofdlijnen. Deze hoofdlijnen zijn de afspraken waarbinnen dit college, samen met de gemeenteraad, ambtelijke organisatie en de samenleving, de komende vier jaar wil werken aan een stevig fundament voor Stichtse Vecht.

Op basis van het coalitieakkoord werkt het college de komende jaren aan het brengen van balans tussen de bestuurlijke ambities, de financiële positie en de ambtelijke organisatie. Dit vraagt om het maken van scherpe keuzes. Vanwege de huidige situatie met verschillende onzekerheden kiest dit college nadrukkelijk voor een duidelijke knip in onze ambities voor 2022 en 2023 en voor 2024 en verder. Het komende jaar vertragen we op sommige onderdelen, om op deze manier in het voorjaar van 2023 keuzes te maken om vanaf 2024 een aantal ambities te versnellen.

In het coalitieakkoord is een financieel overzicht opgenomen met een  financiële impuls voor 2022 van € 630.000. Deze impuls is bij de betreffende programma's opgenomen. 

Ontwikkelingen gemeentefonds

2022 is voor de Algemene uitkering een overgangsjaar. Via RIB Hoofdlijn Decembercirculaire 2021 (RIB 9) bent u geïnformeerd over het positievere beeld voor 2021 en 2022. Voor 2023 en volgende jaren is het geprognosticeerde begrotingssaldo weliswaar verbeterd, maar de financiële druk op onze meerjarenbegroting is hoog en omgeven met grote onzekerheden rond de herijking van het Gemeentefonds en de compensatiebedragen voor de Jeugdzorg 2023 en verder. Via de Kaderbrief 2023 hebben wij u geïnformeerd over verwachtingen voor onze algemene uitkering op basis van de Maartbrief 2022. Op basis van de Meicirculaire 2022 zullen wij u een voorstel doen voor de mutaties in de algemene uitkering en de financiële consequenties voor onze gemeente voor 2022 en volgende jaren. 

Leeswijzer

In de Bestuursrapportage geven wij u een eerste inzicht in het te verwachten financiële en beleidsmatige beeld voor 2022. We doen dit door per programma de te verwachten beleidsmatige afwijkingen en financiële afwijkingen te vermelden. Wij benadrukken dat dit een afwijkingen rapportage is. In deze is een eerste verbeterslag gemaakt in voorbereiding op de ontwikkeling ten aanzien van toekomstgericht begroten.  De peildatum voor financiële analyse van de Bestuursrapportage is 1 mei 2022. Het maakproces van de Bestuursrapportage heeft eind mei/begin juni plaatsgevonden, dus waar het mogelijk was zijn meer actuele inzichten meegenomen. 

Per programma is een onderdeel opgenomen welke begrotingswijzigingen moeten worden gemaakt. Dit zijn significante wijzigingen over de programma’s heen en volume verhogende wijzigingen.  Aangezien de prognose is gebaseerd op de financiële analyse over de eerste vier maanden  maken we op voorhand geen begrotingswijziging van de gerapporteerde afwijkingen op het begrotingssaldo.  De begrotingswijziging wordt vooral gemaakt voor grotere afwijkingen, waarvan met een redelijke mate van zekerheid is vast te stellen dat ze gaan plaatsvinden.

In bijlage 1 is de actuele stand van zaken met betrekking tot de reserve corona gepresenteerd en bij bijlage 2 met betrekking tot de investeringen. Dit is de startpositie voor de opdracht ' toekomstgericht begroten'  voor de meerjaren investeringsplanning.

Uitgangspunten

De raad heeft de kaders voor de Bestuursrapportage gesteld in de financiële verordening.  Zo bevat de tussentijdse rapportage een toelichting op afwijkingen van lasten en baten per taakveld groter dan € 50.000 en op afwijkingen met politieke relevantie. 

De beoordelingsperiode (tot en met april) is een vrij korte periode in het lopende jaar om een echt betrouwbare prognose te kunnen maken. Teneinde de kwaliteit van de prognose te verbeteren hebben we een top-down financiële analyse gemaakt vanuit het taakveldniveau. Hierbij hebben wij er voor gekozen om bij het maken van de prognose:

  • Salarissen en inhuur op totaalniveau te beoordelen en de uitkomst bij programma 1 te verwerken.
  • Afschrijvingen en rente op totaalniveau te beoordelen en de uitkomst van de rente bij programma 1 te verwerken en van de afschrijvingen bij programma 3.
  • Een eventuele taakstelling te betrekken bij de beoordeling van het taakveld als geheel. 
  • Om mutaties in reserves en voorzieningen en uitgaven ten laste van reserves en voorzieningen gelijk te stellen aan de begroting, tenzij de afwijking nu al dermate duidelijk is of politiek relevant is om mee te nemen.  
  • Ervan uit te gaan dat overgehevelde budgetten vanuit 2021 volledig worden besteed in 2022.
  • In bijlage 1 de stand van zaken van de risico reserve corona opgenomen met een inschatting van de claim op de reserve en geen uitsplitsing op de programma's gemaakt in uitgaven met betrekking tot corona en reguliere uitgaven.