Algemeen

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding - Inleiding

Op 16 juni van dit jaar zijn we als college begonnen aan een nieuwe collegeperiode, waarin we werken op basis van het nieuwe coalitieakkoord ‘Duidelijkheid en Daadkracht’. Inmiddels hebben we ook ons collegewerkprogramma vastgesteld. Met het document dat nu voorligt, presenteren we als college de begroting van Stichtse Vecht voor 2027. Daarin staat wat we willen bereiken, wat we daarvoor gaan doen en wat dat kost.

Voor een groot deel kent deze begroting dezelfde opzet als die van vorig jaar. Er zijn ook belangrijke verschillen. Zo zijn de ambities van het nieuwe coalitieakkoord 2026-2030 ‘Duidelijkheid en Daadkracht’ verwerkt. Daarnaast is een aantal taken van programma 4 (Sociaal) verplaatst naar programma 5 (Samenleving), zodat er meer balans ontstaat binnen de verschillende programma’s in de begroting. Tenslotte is met deze begroting weer een slag gemaakt om doelen, indicatoren en mijlpalen op te nemen, zodat de raad beter invulling kan geven aan haar kaderstellende en controlerende rol. Dit is concreet uitgewerkt in alle programma’s van deze begroting. 

 

Nieuw coalitieakkoord

De afgelopen jaren is gewerkt aan een stevig fundament voor onze gemeente. In de komende periode zet de coalitie van Lokaal Liberaal, D66, Streekbelangen en VVD de volgende stap met concrete ambities voor de volgende bestuursperiode. De komende jaren investeren we zichtbaar in alle kernen van Stichtse Vecht. We verbeteren de kwaliteit van de openbare ruimte en pakken achterstallig onderhoud actief aan. Ook investeren we in de herinrichting van de Hazeslinger in Breukelen, de vernieuwing van het geluidsscherm langs de Sweserengseweg ter hoogte van Zandweg-Oostwaard en de verdere ontwikkeling van de Regiopoort Breukelen als belangrijke toegangspoort tot onze gemeente.

De komende jaren komt er ook duidelijkheid over de gemeentelijke huisvesting. Op de locatie van het huidige gemeentekantoor in Maarssen komt (ver)nieuwbouw. Goudestein blijft behouden als cultuurhistorisch erfgoed en locatie voor de samenleving. Boom en Bosch en het Koetshuis worden verkocht, waarbij de maatschappelijke functie van het park behouden blijft.

We stellen samen met de gemeenteraad een nieuw Integraal Veiligheidsplan (IVP) op, waarmee we richting en prioritering geven aan onze brede inspanningen op het gebied van veiligheid. We intensiveren de aanpak van jongerenoverlast en we bestrijden vormen van ondermijning, zoals zorgfraude en drugscriminaliteit.

Met ingang van 1 januari 2027 organiseren we zelf de toegang tot de Jeugdwet en de Wmo. Daarbij staat een zorgvuldige inrichting centraal, om tot een zo goed mogelijke overgang te komen. De overdracht van de verschillende taken van TIM Stichtse Vecht naar de gemeente wordt zorgvuldig uitgevoerd met aandacht voor de continuïteit van zorg voor onze inwoners. We blijven inzetten op het voorveld. Hiermee bedoelen we alle voorzieningen en activiteiten die gericht zijn op preventie. Tegelijk blijven we ons bewust van de risico’s die met deze complexe overgang gepaard gaan. Ook vanwege de samenhang met taken die overgaan naar de nieuwe Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Utrecht West.

Ook is gekozen voor een gerichte aanpak van de wijken in Maarssenbroek door middel van de investeringsagenda Maarssenbroek. Samen met inwoners werken we aan leefbare, veilige en aantrekkelijke wijken. Met aandacht voor verkeersveiligheid, groen, voorzieningen en ontmoetingsplekken. 

De komende bestuursperiode maken we een keuze over de toekomst van ’t Kikkerfort en pakken we door op de uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs. Er komt een verkennend onderzoek naar tenminste één nieuwe potentiële woningbouwlocatie voor de toekomst. 

Verder blijven we de komende periode investeren om de efficiëntie van onze ambtelijke organisatie en de dienstverlening te verbeteren. Datagedreven werken en Artificiële Intelligentie (AI) zijn hiervoor belangrijke grondleggers.

De gemeente bezit de meest gevoelige informatie van inwoners. Met de veranderende wereldorde en de toename van digitale criminaliteit zien we steeds grotere risico’s op gebied van informatieveiligheid en privacy. We gaan daarom de komende jaren investeren om op een adequaat niveau te voldoen aan alle wettelijke eisen op dit gebied.

De gemeente staat de komende jaren voor stevige financiële uitdagingen. De druk op de gemeentelijke financiën neemt toe, terwijl de opgaven voor onze gemeente groot blijven. Dat betekent dat niet alles vanzelfsprekend kan. Om ruimte te maken voor nieuwe investeringen en ambities, zijn duidelijke keuzes gemaakt binnen de bestaande begroting. Daarom zijn ook financiële ombuigingen noodzakelijk. Door kritisch te kijken naar bestaande uitgaven en prioriteiten, kunnen we investeren in onderwerpen die voor onze inwoners van groot belang zijn. Denk hierbij aan leefbaarheid, openbare ruimte, voorzieningen, woningbouw en een sterke sociale basis. Zo houden we de gemeentelijke financiën verantwoord en toekomstbestendig, met een realistische balans tussen ambitie en uitvoerbaarheid. 

Als gemeente blijven we te maken hebben met onzekerheden als gevolg van zowel mogelijke maatschappelijke als financiële doorwerking van internationale geopolitieke, landelijke en regionale ontwikkelingen. Dat vraagt om een prudente financiële strategie en flexibiliteit in beleid en uitvoering. Een goede samenwerking tussen raad en college is daarbij belangrijk, naast de samenwerking met de vele organisaties, ondernemers en inwoners die actief zijn in onze gemeente. Daar blijven wij op inzetten.

 

Overheveling taken naar programma 5

Programma 5 (Samen leven) is in deze begroting 2027 verstevigd. Taakvelden vanuit programma 4 (Sociaal) die aansluiten op programma 5, zijn verplaatst. Het gaat dan om ‘Samenkracht en burgerparticipatie’ en ‘Volksgezondheid.’ Met deze indeling is de verdeling op inhoud en geld beter doordat programma 4 kleiner is geworden en programma 5 groter.

 

Doelen, indicatoren en mijlpalen

In de afgelopen jaren is een nieuwe opzet van de beleidsbegroting ingevoerd met meer sturingsmogelijkheden voor de raad omdat doelen, indicatoren en mijlpalen zijn benoemd. Zo wordt de raad steeds meer in staat gesteld om (bij) te sturen op maatschappelijke effecten van de beleidsmaatregelen.

De ambities uit het nieuwe coalitieakkoord 2026-2030 zijn verwerkt in de begroting 2027. Hierbij is een belangrijke stap gezet om nieuwe doelen en mijlpalen te formuleren. De verdere aanscherping met de aanvullende indicatoren volgt.

 

Het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht

College van B&W

Financiële begroting 2027-2030 - samenvatting

Financieel overzicht

Terug naar navigatie - Financiële begroting 2027-2030 - samenvatting - Financieel overzicht

In dit hoofdstuk geven wij inzicht in de financiële positie van onze gemeente voor de komende jaren. De kaderbrief 2027, het coalitieakkoord, de uitkomsten van de meicirculaire 2026 en enkele beleidsontwikkelingen zijn de basis voor de Programmabegroting 2027–2030. De Programmabegroting 2027-2030 heeft in 2027 een positief structureel resultaat en voldoet daarmee aan de vereisten voor het 'repressieve begrotingstoezicht' vanuit de provincie. Het kleine positieve resultaat draagt bij aan een licht herstel van onze reserves. De financiële positie is ten opzichte van de begroting 2026 verbeterd, maar zit met 53,5 punten nog onder de streefwaarde van 65.

Vanaf 2026 heeft het Rijk een korting doorgevoerd op het gemeentefonds, de zogenaamde 'ravijnjaren'. De komende jaren staan we voor de opgave om scherp te budgetteren, onze reserves aan te sterken, onze ambities in investeringsprojecten te beheersen en om 'in control' te blijven op onze kansen en risico's. 

In het beeld hieronder is in één oogopslag te zien welke inkomstenbronnen we hebben en hoe de middelen over de programma's verdeeld zijn. Daarna volgt de samenvatting van de wijzigingen in de baten en lasten, met daaronder een toelichting op deze wijzigingen.Tenslotte wordt de financiële positie getoond met de kengetallen in een tabel en een toelichting op deze tabel. De wijzigingen op programmaniveau zijn te lezen bij programma's.
Infographic Begroting 2027

Tabel I.1.
Begroting 2027 - 2030 (bedragen x € 1.000) 2027 2028 2029 2030
A. Startpositie: Programmabegroting 2026-2029 -2.682 -2.819 -1.961 -3.464
Kaderbrief 2027-2030 -2.446 -2.274 -1.917 -1.708
Autonome - en beleidsontwikkelingen -3.358 -3.186 -2.829 -2.620
Dekkingsmogelijkheden: inkomsten inflatievolgend verhogen en algemene dekkingsmiddelen 912 912 912 912
Stand Kaderbrief 2027-2030 -5.128 -5.093 -3.878 -5.172
Lucht in de lasten en baten 5.070 4.768 3.598 2.544
Lucht in de lasten 2.032 1.862 1.153 57
Lucht in de baten 3.038 2.906 2.445 2.487
Stand saldo na Lucht in de lasten en baten -58 -325 -280 -2.629
Coalitieakkoord -548 -165 330 590
Coalitieakkoord ambities - lasten -2.755 -2.760 -2.615 -2.555
Coalitieakkoord baten 970 970 970 970
Coalitieakkoord ombuigingen 1.237 1.625 1.975 2.175
Stand saldo na Coalitieakkoord -606 -490 50 -2.039
Meicirculaire 2026 gemeentefonds -1.589 -1.664 -1.855 1.394
Meicirculaire 2026 gemeentefonds -1.589 -1.664 -1.855 1.394
Stand saldo na Meicirculaire -2.195 -2.154 -1.805 -645
Beleidsontwikkelingen 1.597 2.103 1.361 -997
Afval 729 1.752 2.452 2.675
Riolering 19 215 215 215
TIM SV - - - -
WMO vrijval stelpost meicirculaire 2026 (incidenteel) 600 - - -
Treasury (rente van de geldleningen) 69 -119 -87 -119
Kapitaallasten 2027-2030 (meerjareninvesteringsplanning) -440 -844 -2.398 -4.632
Stelpost kapitaallasten 620 1.099 1.179 864
Stand saldo na Beleidsontwikkelingen -598 -52 -444 -1.641
Bijstelling (autonome) ontwikkeling en correcties 598 330 417 369
Autonome bijstellingen gemeenschappelijke regelingen 124 -285 68 19
Bijstelling loonindexatie 512 202 202 202
Dyslexie naar leerplicht voor extra inzet personeel - - - -
Dubbele dekking kaderbrief en coalitieakkoord 365 365 100 100
Toerekening overhead en dekking bestaande budgetten door CDOKE 327 327 327 327
Stelpost stijging rentelasten 0,5% -350 -350 -350 -350
Diverse correcties 47 70 70 70
Resultaatboeking Algemene Reserve -427 - - -
Stand Begroting 2027 - 2030 - 279 -27 -1.273
N.B. de negatieve bedragen zijn een nadeel en positieve bedragen een voordeel

Stand Kaderbrief 2027

De gemeenteraad heeft op 7 juli 2026 de Kaderbrief 2027 vastgesteld. Het in de Kaderbrief 2027 opgenomen financiële meerjarenperspectief vormt het uitgangspunt voor de opstelling van de Programmabegroting 2027 - 2030. In de Kaderbrief 2027 was het begrotingsjaar 2030 voor de eerste keer opgenomen. Daarom was bij de startpositie vanuit de Programmabegroting 2026 - 2029 het saldo van de begrotingsjaren 2029 en 2030 gelijk. In deze begroting zijn alle budgetten van het begrotingsjaar 2030 geactualiseerd opgenomen. 

 

Lucht in de lasten en baten

Ruimtes in budgetten, die in 2 of meer achtereenvolgende jaren aanwezig waren, zijn bijgesteld. Dit heeft geleid tot lagere begrote lasten en enkele hogere baten. Hiermee is een stap gezet naar meer realistisch begroten. In 2027 zijn er bij de lasten 27 budgetten naar beneden bijgesteld en 1 budget naar boven bijgesteld met een gemiddelde omvang van ongeveer € 75.000. Enkele absolute grote aanpassingen zijn te zien bij de lagere lasten van de pensioenen wethouders en de rente van de langlopende leningen (2027 en 2028). Aan de kant van de baten is gebleken dat het begrote bedrag van de OZB niet in lijn lag met de werkelijke inkomsten. 

 

Coalitieakkoord

De ambities uit het coalitie-akkoord zijn in deze begroting verwerkt. De weergegeven lasten van de ambities in deze begroting  wijken in 2029 en 2030 af van die in coalitieakkoord omdat de kapitaallasten van de herinrichting van de Hazeslinger en het geluidsscherm Sweserengseweg in de begroting onder de rubriek kapitaallasten zijn opgenomen. De nieuwe ambities worden gedekt uit beschikbare financiële ruimte. De ombuigingen die in het coalitie-akkoord zijn gepresenteerd, zijn opgenomen in deze begroting.

 

Meicirculaire 2026

Bij de behandeling van de Kaderbrief 2027 bent u geïnformeerd over de hoofdlijnen van de uitkomsten van de meicirculaire 2026. De ontvangen incidentele middelen van € 2,2 miljoen in 2027 voor de decentralisatie-uitkering Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE) merken we aan als structurele baten. Dit is in overeenstemming met het Gemeenschappelijke toezichtskader voor de begroting 2027. Daarom zijn op het taakveld 7.4 Milieu de uitgaven voor CDOKE vanaf 2028 ook structureel opgenomen. 

 

Beleidsontwikkelingen

De afvalstoffenheffing is momenteel niet kostendekkend. Dit komt door stijgende verwerkingskosten voor (rest)afval, onder meer als gevolg van de landelijke afvalstoffenbelasting (WBM) en de CO2-heffing, en door investeringen in onder andere De Splitsing en ondergrondse containers. Dit leidt tot een stijging van de heffing in 2027. Om de stijging van de afvalstoffenheffing in 2027 te dempen, wordt € 400.000 uit de voorziening in 2027 ingezet. In de begroting leiden de -door de BBV voorgeschreven-  toe te rekenen kosten aan de afvalstoffen technisch gezien tot een positief resultaat. Deze toe te rekenen kosten zijn opgenomen onder bijvoorbeeld de personeelskosten en kapitaallasten. Vanaf 2027 zijn deze toerekeningen preciezer dan in 2026, zodat deze rekentechnisch een positief effect hebben op het begrotingssaldo.  Dit is in 2028 en verder ook zichtbaar. Verdere stijging ontstaan door hogere kapitaallasten die in de begroting worden verwerkt onder de rubriek kapitaallasten. Bij riolering is hetzelfde effect aan de orde.

De eenmalige WMO-middelen uit de meicirculaire blijken niet nodig te zijn, omdat de inwerktreding van de wettelijke aanpassing is voorzien per 1 januari 2028 in plaats van 1 januari 2027.

De rentelasten vallen in 2027 lager uit doordat afgeronde investeringen in 2026 lager zullen zijn dan het investeringsplafond van  € 61 Mln. Doordat het investeringsvolume boven het plafond gaat uitstijgen, nemen de rentelasten in verdere jaren toe. Voor de begroting 2027-2030 is er weer een stap gezet in het realistischer maken van de investeringsplanning. In deze planning zijn ook de investeringsuitgaven voor het herstel van de beschoeiing en herinrichting van het Zandpad opgenomen. De kapitaallasten worden berekend o.b.v. de investeringsplanning. Vanaf de begroting 2027 mag onder randvoorwaarden en uniforme rekenregels een meerjarige stelpost worden opgenomen. De Provincie Utrecht is akkoord met de omvang van deze stelpost voor de begroting 2027. Eén van de randvoorwaarden is dat uit het verleden blijkt dat de gerealiseerde kapitaallasten lager zijn dan de begrote kapitaallasten. Jaarlijks zal deze post worden beoordeeld.

 

Bijstelling (autonome ontwikkeling) en correcties

Op basis van de ontvangen begrotingen 2027 van gemeenschappelijke regelingen is onze bijdrage 2027 opgenomen in onze begroting. De mutaties in onze bijdragen die voortvloeien uit loon- en prijsontwikkelingen verrekenen wij met de hiervoor aanwezige stelposten. Zie voor een nadere toelichting op de bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen de paragraaf Verbonden partijen in deze begroting.

De werkelijke loonindexatie pakt lager uit dan opgenomen in de Kaderbrief, zodat dit in de begroting tot een voordeel leidt. Een ombuiging in het coalitie-akkoord was al opgenomen in lucht in de lasten, zodat deze gecorrigeerd is. De extra middelen van CDOKE worden voor het grootste deel ingezet voor duurzaamheid. Een klein deel van € 327.000 wordt ingezet als dekking van de overheadkosten en voor een gedeeltelijke dekking van het project 'versnellen integraal huisvestingsplan'. 

Gezien de renteontwikkelingen is er een stelpost voor verwachte rentestijging opgenomen. Verder zijn er tenslotte nog enkele correcties opgenomen. Zo zijn de lasten van afval hoger gebleken, is een ten onrechte verwerkte prijsindexatie op SPUK Oekraïne gecorrigeerd, is een dotatie aan een (oude) reserve onderhuisvesting complex MRS komen te vervallen en is de door te belasten concernoverhead gecorrigeerd als gevolg van een indexeringsverschil

Het positief resultaat wordt toegevoegd aan de algemene reserve. In de afgelopen berap 2026 is een prognose afgegeven dat de algemene reserve wordt verlaagd met € 730.000. De solvabiliteit staat onder druk en kan met de toevoeging van het positieve resultaat van € 427.000 licht herstellen. Hiermee wordt een stap gezet naar de verbetering van de financiële positie.

Begrotingsevenwicht

Terug naar navigatie - Financiële begroting 2027-2030 - samenvatting - Begrotingsevenwicht

Gemeenten zijn verplicht om tijdig (voor 15 november) een financieel sluitende begroting voor het volgende jaar in te dienen bij de provincie (artikel 189 Gemeentewet). De provincie houdt via de begroting en jaarrekening toezicht op de gemeentelijke financiële positie. Onderdeel van het toezicht is de controle of onze begroting ‘structureel sluitend’ is. Hierbij wordt beoordeeld of wij structurele lasten ook met structurele baten dekken, oftewel, dat de structurele lasten, bij gelijkblijvende omstandigheden, ook op de langere termijn gedekt kunnen worden met de baten (de robuustheid van de begroting).

De financiële begroting bevat een overzicht met een specificatie van de incidentele baten en lasten. In de onderstaande tabel is het begrotingssaldo gecorrigeerd met de incidentele baten en lasten. De incidentele baten en lasten worden buiten beschouwing gelaten door de incidentele baten van het begrotingssaldo af te trekken en de incidentele lasten erbij op te tellen. Het resultaat van deze berekening is het structurele begrotingssaldo.

Uit de tabel blijkt dat de begroting structureel in evenwicht is in 2027, 2028 en 2029. Dat is voldoende om onder repressief toezicht van de provincie te vallen.

 

 

Tabel I.2.
Structureel begrotingssaldo (bedragen x € 1.000) 2027 2028 2029 2030
Begrotingssaldo (na resultaatbestemming) 0 280 -27 -1.273
BIJ: Incidentele lasten 1.823 465 70 0
AF: Incidentele baten -1.000 0 0 0
Structureel begrotingssaldo 823 745 43 -1.273
N.B. vanaf het begrotingsjaar 2025 zijn negatieve bedragen een nadeel en positieve bedragen een voordeel

Solide financiële positie

Terug naar navigatie - Financiële begroting 2027-2030 - samenvatting - Solide financiële positie

Veranderingen in het gemeentefonds hebben de afgelopen jaren veel invloed gehad op de meerjarenbegroting. Dit komt onder andere door het stoppen van tijdelijke financiering voor de jeugdzorg, veranderingen in het gemeentefonds, groeiende taken en stijgende kosten. Hiertegenover staan onvoldoende financiële middelen vanuit het Rijk. Dit maakt dat we een moeilijke financiële uitgangspositie hebben. Op de langere termijn is het nodig om de begroting structureel op orde te brengen. In deze begroting zijn er keuzes gemaakt om nieuwe ambities te kunnen realiseren, zijn er onderbestedingen vrijgevallen en zijn inkomsten verhoogd. Hiermee is de begroting niet alleen in 2027 structureel sluitend, maar ook in 2028 en 2029.

In de begroting van de gemeente Stichtse Vecht zitten ook risico’s en kansen die niet precies in geld zijn uit te drukken. Het weerstandsvermogen is bedoeld om mogelijke financiële tegenvallers op te vangen. De financiële buffer en de bestaande risico’s zijn reëel in beeld gebracht. Dit maakt het mogelijk om de weerstandsratio aan te passen naar 1,0–1,4. Het structurele weerstandsvermogen verdwijnt.

De financiële positie van de gemeente Stichtse Vecht is in onderstaande tabel in één oogopslag weergegeven. De financiële positie volgens de Begroting 2027 is in het overzicht vergeleken met de Begroting 2026. Voor de kengetallen zijn de scores volgens beide begrotingen weergegeven. Voor het totaal van de financiële positie is voor beide begrotingen weergegeven of we voldoen aan de streefwaarde van 65. 

Met een score van 53,5 punten is er een verbetering ten opzichte van de score van 43,5 punten in de vorige begroting. We voldoen niet aan de streefwaarde van 65 punten en verder herstel is nodig. De begroting is in 2027, 2028 en 2029 structureel sluitend.  Het incidenteel weerstandsvermogen is van voldoende niveau. De netto schuldquote en de solvabiliteit en vragen om aandacht. Deze waardes zijn een direct gevolg van ons investeringsniveau. De kwetsbaarheid voor renteontwikkelingen en de toename van het aandeel rentelasten in de exploitatie - een direct gevolg van de noodzakelijkheid van de investeringsopgave waar de gemeente op langere termijn voor staat - vragen om een strategisch perspectief hierop.

Tabel I.3.
Kengetallen Maximum score Score B2026 Score B2027 Ruimte Streefwaarde Stichtse Vecht Herstel Kritische ondergrens
1. Structurele exploitatieruimte
1e jaar 12,0 12,0 6,0 0,35%
2e jaar 8,0 0,0 4,0 0,35%
3e jaar 8,0 0,0 4,0 0,02%
4e jaar 12,0 0,0 0,0 < 0
2. Weerstandsratio (incidenteel) 15,0 7,5 15,0 1,20 0
3. Structureel weerstandsvermogen 15,0 7,5 n.v.t.
4. Solvabiliteit 9,0 0,0 0,0 12%
5. Netto schuldquote 9,0 4,5 4,5 124%
6. Taakstellingen
1e jaar 3,0 3,0 3,0 0%
2e jaar 3,0 3,0 3,0 0%
3e jaar 3,0 3,0 3,0 0%
4e jaar 3,0 3,0 3,0 0%
Totaal financiële positie 100,0 43,5 45,5
Cor. Naar 100% i.v.m. wegvallen punt 3. 7,2
Gecorrigeerde financiële positie (41 x 100/85) 43,5 53,5

 

 

Tabel I.4.
Kengetal Normering voor toekennen punten
Structurele exploitatieruimte Negatief is 0 punten, groter dan 0,5% is 12 of 8 punten, kleiner dan 0,5% is 6 of 4 punten (12 en 6 bij 1e en 4e jaar; 8 en 4 bij 2e en 3e jaar).
Weerstandsratio (incidenteel) Weerstandsratio (incidenteel) groter dan 1,0 is 15 punten, tussen 0,8-1,0 is 7,5 punten en kleiner dan 0,8 is 0 punten.
Structureel weerstandsvermogen Weerstandsratio (structureel) groter dan 1,0 is 15 punten, tussen 0,6-1,0 is 7,5 punten en kleiner dan 0,6 is 0 punten. N.B. vanaf 2027 niet meer van toepassing.
Solvabiliteit Boven de 50% is 9 punten, tussen de 20-50% is 4,5 punten en kleiner dan 20% is 0 punten
Netto schuldquote Kleiner dan 90% is 9 punten, tussen 90%-130% is 4,5 punten en boven 130% is 0 punten
Taakstellingen Taakstelling kleiner dan 0,5% is 3 punten, tussen 0,5%-1% is 1,5 punten en boven 1% is 0 punten
Normen Ruimte Streefwaarde Opgave voor Kritische
Koers houden Stichtse Vecht herstel ondergrens
1. Structurele exploitatieruimte >= 0 < 0 < 0
(1e en 4e jaar)
2. Weerstandsratio (incidenteel) >= 1,4 1,0 > 1,4 0,8 > 1,0 < 0,8
3. Structureel weerstandsvermogen >= 1,0 0,8 > 1,0 0,6 > 0,8 < 0,6
(1e of 4e jaar 0)
4. Solvabiliteit >= 50% 35% > 50% 20% > 35% < 20%
5. Netto schuldquote < 90% 90% > 110% 110% > 130% > 130%
Totaal financiële positie 100 - 76 75,5 - 65 64,5 - 0 1e en 4e jaar niet structureel sluitend

Grondslagen voor de begroting 2027 en de meerjarenraming 2028 tot 2030

Grondslagen

Terug naar navigatie - Grondslagen voor de begroting 2027 en de meerjarenraming 2028 tot 2030 - Grondslagen

Inleiding

De startpositie van de Programmabegroting 2027 – 2030 is de meerjarenraming uit de Programmabegroting 2026 – 2029 en de besluitvorming door de raad tot en met juli 2026. Op deze startpositie zijn, naast de uitwerking van de Kaderbrief 2027, de volgende mutaties verwerkt:

  • de actuele ontwikkelingen uit het gemeentefonds tot en met de meicirculaire 2026;
  • coalitieakkoord 2026-2030;
  • aanpassing van de bijdragen aan verbonden partijen, zodat deze aansluiten op de begrotingen van deze partijen;
  • actualisatie van de meerjareninvesteringsplanning;
  • aantal specifieke onderwerpen;
  • overige afrondende administratieve mutaties.

 

Notities financieel beleid

De P&C documenten worden opgesteld met inachtneming van de door de raad vastgestelde financiële beleidsdocumenten. Deze documenten zijn:

  • Financiële verordening (raad 5 maart 2024);
  • Nota reserves en voorzieningen (raad 6 juli 2021);
  • Nota waardering en afschrijving vaste activa (raad 16 december 2025);
  • Beleidsnotitie algemene reserve (raad 29 september 2020);
  • Nota Monitoren maatschappelijke effecten gemeente Stichtse Vecht 2024 (raad 1 oktober 2024);
  • Nota Solide financiële positie Stichtse Vecht 2024 (raad 1 oktober 2024).

Leeswijzer

Leeswijzer

Terug naar navigatie - Leeswijzer - Leeswijzer

 

 

Begroting in de Planning & controlecyclus  (P&C cyclus)

De Programmabegroting is onderdeel van de planning- en controlcyclus. Dit is een jaarlijks terugkerende cyclus waarin we vooruitblikken op de komende jaren (planning) en terugkijken op het afgelopen jaar (control). Het gaat om de taken die we uitvoeren, de resultaten die we samen hebben bereikt én nog gaan bereiken. Daarbij zorgen we voor een stevige financiële basis. Als gemeente streven we naar transparantie met concrete en meetbare effecten.  

 

P&C producten

 

Beleidsbegroting

De beleidsbegroting bestaat uit  vijf programmabegrotingen. In elk programma staat een beschrijving  van het coalitieakkoord voor het komende jaar opgenomen. De beleidsbegroting geeft inzicht in:

  • Wat willen we (samen) bereiken tot en met 2030?
  • Wat gaan we daarvoor (samen) doen in 2027?
  • Wat mag het kosten?

Monitoring maatschappelijke effecten

In de beleidsprogramma’s zijn vijf onderdelen opgenomen: 1) doelenoverzicht én doelomschrijving, 2) effectindicatoren, 3) prestatie-indicatoren, 4) mijlpalen en 5) uitleg van oorzaak en gevolg  tussen activiteiten of prestaties en de effecten in P&C-documenten (beoogd effect vooraf en gerealiseerd effect achteraf). De indicatoren met streefwaarden worden in de programma's door ontwikkeld.

Maatschappelijke effecten

 

Financiële tabellen 

Voor de leesbaarheid ronden we bedragen af op  € 1.000. Wanneer we daarvan afwijken, vermelden we dat bij de tabel. Door afrondingen kan er soms een klein verschil ontstaan tussen de bedragen in de tabellen. Bij de financiële cijfers worden lasten / nadeel met een negatief getal weergegeven en baten / voordeel met een positief getal. Onttrekkingen uit de reserves zijn voor de exploitatie een bate en dus een positief getal. Toevoegingen aan de reserves zijn lasten voor de exploitatie en dus een negatief getal.

Per programma geven we een toelichting op de belangrijkste wijzigingen tussen de primitieve begroting 2026 en de primitieve begroting 2027. In de toelichting staat of het een incidentele of een structurele wijziging is en we vermelden het document waarin het besluit is opgenomen. Ook is een specificatie opgenomen van de reservemutaties  in 2027. De mutaties in de loonsom worden toegelicht in de paragraaf Bedrijfsvoering. De mutaties in de kapitaallasten bij het hoofdstuk Uiteenzetting van de financiële positie (Meerjaren Investeringsplanning).

In de tabel Impuls coalitieakkoord zijn de exploitatiebudgetten van de beleidswensen of beleidsimpulsen opgenomen, die incidenteel dan wel structureel in de begroting zijn verwerkt gedurende de coalitieperiode. Impulsen vanuit specifieke rijksuitkeringen, investeringen, indexaties, financieel-technische wijzigingen en autonome ontwikkelingen zijn hierin niet opgenomen.

 

Overig

Per programma is beschreven welke meest relevante beleidskaders van toepassing zijn en welke verbonden partijen betrokken zijn. De verplichte indicatoren en een uitgebreide lijst met beleidskaders zijn in de bijlagen opgenomen.

Voor de volledigheid zijn het collegewerkprogramma en het coalitieakkoord Stichtse Vecht 2026-2030 "Duidelijkheid en Daadkracht" als separate stukken bij deze begroting gevoegd. Deze stukken zijn geen onderdeel van de begroting.